kritische depositiewaarde 1.0
(natuur, milieu en energievoorziening)
Semagram (extra betekenisinformatie)
De kritische depositiewaarde…
is een depositiewaarde; is een waarde
- [Vorm] wordt uitgedrukt in mol stikstof per hectare per jaar of in kilogram stikstof per hectare per jaar, bv. 750 mol/ha/jr
- [Functie] wordt gehanteerd om de natuur te beschermen en verdere achteruitgang daarvan te voorkomen
- [Eigenschap of hoedanigheid algemeen] wordt vastgesteld op grond van wetenschappelijk onderzoek
- [Betrokkene] wordt door de overheid gehanteerd en door wetenschappers vastgesteld
- [Middel] wordt berekend met behulp van steekproefsgewijze metingen en rekenmodellen
- [Oorzaak, reden of aanleiding] wordt door de overheid volgens internationale richtlijnen aangehouden om verdere achteruitgang van de natuur te voorkomen
- [Gevolg of resultaat] kan er bij strikte naleving toe leiden dat boeren hun bedrijf niet meer of niet volledig kunnen exploiteren en dat er bv. geen vergunningen worden gegeven voor het bouwen van huizen of dat het vliegverkeer beperkt wordt; leidt er bv. toe dat boeren uitgekocht worden door de overheid
- [Waardering] als hoogst nog geaccepteerde grens wordt door natuurorganisaties en natuurliefhebbers gewaardeerd, maar leidt vooral bij boerenorganisaties en boeren tot heftige protesten
Algemene voorbeelden
De kritische depositiewaarde wordt gedefinieerd als 'de hoeveelheid depositie die een intact ecosysteem over langere tijd kan verdragen zonder dat significante schade optreedt aan de structuur of het functioneren van dat systeem'. Aangetaste ecosystemen zijn meestal gevoeliger en negatieve effecten nemen toe naarmate de kritische depositiewaarde langer wordt overschreden. De buffercapaciteit van de bodem tegen verzuring neemt geleidelijk af en zorgt voor een gebrek aan mineralen in het systeem, bijvoorbeeld het kalkgebrek waar broedvogels onder lijden. Door de hoge beschikbaarheid van stikstof worden plantensoorten verdrongen door snelgroeiende soorten, verandert het bodemleven, en verdwijnen diersoorten die afhankelijk zijn van de verdrongen planten.
Voor het beleid vormen kritische depositiewaarden wetenschappelijk onderbouwde grenswaarden voor de mate waarin de stikstofdepositie verminderd moet worden om verslechtering en onherstelbare beschadiging van ecosystemen te voorkomen.
Kritische depositiewaarden zijn een maat voor de stikstofgevoeligheid van habitattypen. Het zijn door internationale wetenschappers generiek vastgestelde habitat-specifieke depositieniveaus waarboven stikstofdepositie een risico veroorzaakt op verslechtering van de habitat-specifieke natuur.
'Wetenschappelijk onderzoek gaat altijd gepaard met onzekerheden en ook de kritische depositiewaarden kennen een bandbreedte. Daarbij kun je altijd discussie voeren over de definitie van "kritisch". Is dat de waarde waarbij een plantensoort al lichte schade ondervindt of is dat de waarde waarbij een plantensoort volledig verdwijnt?'
Combinatiemogelijkheden
met adjectief ervoor
- absolute kritische depositiewaarden
- concrete kritische depositiewaarden
- een hogere kritische depositiewaarde
- lokale kritische depositiewaarden
- (landelijk, lokaal) toepasbare kritische depositiewaarden
- unieke kritische depositiewaarden
Hoe verhoudt het werken met en het sturen op absolute nationaal vastgestelde kritische depositiewaarden zich tot de grote onzekerheden die gepaard gaan met het verkrijgen van inzicht in de kritische depositieniveaus en met het vaststellen van absolute kritische depositiewaarden?
In dit rapport wordt een overzicht gegeven van concrete (unieke) kritische depositiewaarden voor stikstof voor de habitattypen en de Natura 2000-gebieden in Nederland. Hiertoe worden de door de UNECE vastgestelde kritische depositiewaarden voor stikstof nader gepreciseerd en aangevuld voor alle habitat(sub)typen, waarbij gebruik wordt gemaakt van modeluitkomsten en expertoordeel. De waarden per habitat(sub)type zijn vervolgens doorvertaald naar Natura 2000-gebieden.
Waarom wordt in de Natura 2000-gebieden Drentsche Aa, Bargerveen, Van Oordt's Merken en Wierdense Veld voor het habitattype H6230vka (heischraal grasland – vochtig kalkarm) een kritische depositiewaarde van 714 mol/ha/jaar gehanteerd (gebaseerd op vegetatieassociatie 19AA02), terwijl volgens de betreffende gebiedsanalyses in deze gebieden vooral de vegetatieassociatie 19AA01 voorkomt waarvoor Van Dobben e.a. een hogere kritische depositiewaarde hebben vastgesteld?
Kunt u een overzicht geven van de experimenten die zijn gedaan in Nederlandse Natura 2000-gebieden om vast te stellen wat de lokale kritische depositieniveaus zijn, dan wel van de onderzoeken die zijn gedaan om te bepalen hoe de lokale habitats met de lokale plantengemeenschappen zich verhouden tot de nationaal vastgestelde kritische depositiewaarden voor de betreffende habitattypen?
Volgens de inzichten van de genoemde experts kunnen de (lokaal en landelijk toepasbare) kritische depositiewaarden voor habitattypen het best worden vastgesteld volgens het volgende stappenschema, dat als protocol is toegepast.
met adjectivisch tegenwoordig deelwoord
- voorkomende kritische depositiewaarden
Van die 129 stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden zijn er 113 die thans een overschrijding van één of meer van de in dat gebied voorkomende kritische depositiewaarden laten zien. In delen van deze Natura 2000-gebieden is de daadwerkelijke depositie van stikstof dus hoger dan wat er wetenschappelijk gezien nog op de het specifieke habitattype aan stikstofdepositie mogelijk is voordat er een risico op verslechtering van de bij het habitattype horende natuur kan optreden.
met adjectivisch voltooid deelwoord
- berekende kritische depositiewaarden
- (nationaal) vastgestelde kritische depositiewaarden
n Nederland is binnen deze range met gedetailleerde ecologische rekenmodellen te schatten waar voor specifieke stikstofgevoelige habitattypen in Nederlandse Natura 2000-gebieden de kritische depositiewaarden liggen (Dobben et al., 2006, 2012). Op basis van een zogenaamde 'onzekerheidsanalyse' blijken deze berekende kritische depositiewaarden per type natuur behoorlijk nauwkeurig vast te stellen (Dobben et al., 2006). Echter, de werkelijke depositie waarbij effecten op individuele Natura 2000 locaties optreden wijken sterk af van de landelijk vastgestelde waarden (Dobben et al., 2006).
Kunt u een overzicht geven van de experimenten die zijn gedaan in Nederlandse Natura 2000-gebieden om vast te stellen wat de lokale kritische depositieniveaus zijn, dan wel van de onderzoeken die zijn gedaan om te bepalen hoe de lokale habitats met de lokale plantengemeenschappen zich verhouden tot de nationaal vastgestelde kritische depositiewaarden voor de betreffende habitattypen?
als object bij een werkwoord
- kritische depositiewaarden bepalen
- een kritische depositiewaarde hanteren
- een kritische depositiewaarde hebben
- de kritische depositiewaarde overschrijden
- kritische depositiewaarden uitdrukken in (mol stikstof per hectare per jaar, kilogram stikstof per hectare per jaar)
- kritische depositiewaarden vaststellen
In drie inleidende hoofdstukken wordt ingegaan op de methodiek om kritische depositiewaarden te bepalen en die waarden gebiedsgericht toe te passen.
Waarom wordt in de Natura 2000-gebieden Drentsche Aa, Bargerveen, Van Oordt's Merken en Wierdense Veld voor het habitattype H6230vka (heischraal grasland – vochtig kalkarm) een kritische depositiewaarde van 714 mol/ha/jaar gehanteerd (gebaseerd op vegetatieassociatie 19AA02), terwijl volgens de betreffende gebiedsanalyses in deze gebieden vooral de vegetatieassociatie 19AA01 voorkomt waarvoor Van Dobben e.a. een hogere kritische depositiewaarde hebben vastgesteld?
Binnen de Natura 2000-gebieden zijn verschillende habitattypen aanwezig. Deze hebben een kritische depositiewaarde. Als de ammoniakdepositie boven deze waarde uitkomt, kunnen er soorten verdwijnen die kenmerkend zijn voor deze habitattypen.
Aangetaste ecosystemen zijn meestal gevoeliger en negatieve effecten nemen toe naarmate de kritische depositiewaarde langer wordt overschreden. [...]. Bij vergunningverlening helpt de kritische depositiewaarde om effecten van nieuwe activiteiten die bijdragen aan de stikstofdepositie te beoordelen. Indien de kritische depositiewaarde al wordt overschreden, veroorzaken deze nieuwe activiteiten, die meer stikstofdepositie als gevolg hebben, zeer waarschijnlijk een verslechtering van de natuurkwaliteit.
De kritische depositiewaarden zijn zowel uitgedrukt in mol stikstof per hectare per jaar als in kilogram stikstof per hectare per jaar. De relatie tussen beide is als volgt: 1 mol N = 0,014 kg N 1 kg N = 71,43 mol N.
In het verleden zijn kritische depositiewaarden internationaal modelmatig vastgesteld met eenvoudige massabalans berekeningen voor invoer (stikstofdepositie) en uitvoer (oogst en boskap) van stikstof op bosgronden. Toen er de afgelopen decennia steeds meer meetgegevens beschikbaar kwamen, konden de kritische depositiewaarden ook via deze metingen voor een brede set van specifieke habitattypen worden vastgesteld (bijvoorbeeld bos, natte heide, grijze duin, hoogveen).
Kritische depositiewaarden worden nooit vastgesteld voor lokale situaties, maar verbonden aan een bepaald type vegetatie op landelijk of internationaal niveau.
met voorzetselgroep
Voorzetsel: van
- de kritische depositiewaarde van ammoniak
- de kritische depositiewaarde van een habitat
- de kritische depositiewaarde van stikstof
Overwegende, dat zowel de achtergronddepositie en de kritische depositiewaarde van ammoniak uitsluitend berust op modelberekeningen waarvan de uitkomsten nooit experimenteel geverifieerd zijn.
De vergunningstermijn van een milieuvergunning, verleend voor de exploitatie van een inrichting met een stikstofdepositie die minstens 50 procent bijdraagt aan de kritische depositiewaarde van een habitat, en die overeenkomstig artikel 388, § 1, of artikel 390/1 vergund is, wordt verlengd met maximaal zeven jaar als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan.
De wetgeving kent momenteel twee beleidsdoelstellingen vanuit de EU om de stikstofdepositie te verminderen: ten eerste de kritische depositiewaarde van stikstof in Natura 2000-gebieden (deze waarde varieert per natuurgebied en habitattype). In de meeste Natura 2000 gebieden werd de kritische depositiewaarde in 2018 nog overschreden. De tweede doelstelling is het stikstofplafond voor mest.
- een kritische depositiewaarde van 714 mol/ha/jaar
- een kritische depositiewaarde van lager dan 750 mol/ha/jr.
Waarom wordt in de Natura 2000-gebieden Drentsche Aa, Bargerveen, Van Oordt's Merken en Wierdense Veld voor het habitattype H6230vka (heischraal grasland – vochtig kalkarm) een kritische depositiewaarde van 714 mol/ha/jaar gehanteerd (gebaseerd op vegetatieassociatie 19AA02), terwijl volgens de betreffende gebiedsanalyses in deze gebieden vooral de vegetatieassociatie 19AA01 voorkomt waarvoor Van Dobben e.a. een hogere kritische depositiewaarde hebben vastgesteld?
Zeer stikstofgevoelige habitattypen als vennen en hoogvenen hebben een kritische depositiewaarde van lager dan 750 mol/ha/jr.
Voorzetsel: voor
- kritische depositiewaarden voor stikstof
- de kritische depositiewaarde voor stikstofdepositie
- kritische depositiewaarden voor habitattypen
Volgens de inzichten van de genoemde experts kunnen de (lokaal en landelijk toepasbare) kritische depositiewaarden voor habitattypen het best worden vastgesteld volgens het volgende stappenschema, dat als protocol is toegepast.
In dit rapport wordt een overzicht gegeven van concrete (unieke) kritische depositiewaarden voor stikstof voor de habitattypen en de Natura 2000-gebieden in Nederland. Hiertoe worden de door de UNECE vastgestelde kritische depositiewaarden voor stikstof nader gepreciseerd en aangevuld voor alle habitat(sub)typen, waarbij gebruik wordt gemaakt van modeluitkomsten en expertoordeel. De waarden per habitat(sub)type zijn vervolgens doorvertaald naar Natura 2000-gebieden.
De kritische depositiewaarde voor stikstofdepositie geeft aan hoeveel stikstof een habitattype kan verdragen voordat er e en risico optreedt op verslechtering van die natuur.
in voorzetselgroep
- bijdragen aan de kritische depositiewaarde
- onderzoek naar kritische depositiewaarden
- kennis over kritische depositiewaarden
- het bepalen van kritische depositiewaarden
- de berekening van kritische depositiewaarden
- de (huidige) lijst van kritische depositiewaarden
- overschrijding van de kritische depositiewaarde
- een overschrijding van de kritische depositiewaarden
De vergunningstermijn van een milieuvergunning, verleend voor de exploitatie van een inrichting met een stikstofdepositie die minstens 50 procent bijdraagt aan de kritische depositiewaarde van een habitat, en die overeenkomstig artikel 388, § 1, of artikel 390/1 vergund is, wordt verlengd met maximaal zeven jaar als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan.
Voor het bepalen van (significant) negatieve effecten van ammoniakdepositie op Natura 2000-gebieden is het belangrijk de best beschikbare wetenschappelijke kennis te gebruiken. Daarom heeft de minister van LNV in haar brief van 22 mei 2007, waarin zij het 'Toetsingskader ammoniak en Natura 2000' aan de Tweede Kamer aanbood, het volgende gemeld: 'De kennis over en het onderzoek naar kritische depositiewaarden is voortdurend in ontwikkeling. [...] In het bestuurlijk overleg is daarom afgesproken dat voor de nabije toekomst wordt gewerkt aan nieuwe waarden conform een in VN-verband afgesproken methode. Na een nieuwe wetenschappelijke toets op de systematiek van het toetsingskader zouden deze nieuwe cijfers te zijner tijd de huidige lijst met kritische depositiewaarden kunnen vervangen.'
In relatie tot de verzuringsproblematiek wordt meestal weinig aandacht besteed aan de rol van basische kationen zoals Na+, Mg2+, Ca2+ en K+. Echter, door depositie van basische kationen kan een deel van de zure depositie geneutraliseerd worden. Daarnaast zijn basische kationen belangrijke nutriënten voor ecosystemen. Tot op heden zijn op Europese schaal geen betrouwbare depositieschattingen voor basische kationen aanwezig, alhoewel deze informatie nodig is voor het bepalen van kritische depositiewaarden en haar overschrijdingen.
Stichting Agrifacts schetst een onvolledig beeld van de berekening van kritische depositiewaarden. Dit stelt professor Wim de Vries, hoogleraar Integrale Stikstofeffectenanalyse bij Wageningen Universiteit, als reactie op een publicatie van Stichting Agrifacts (STAF).
Vennen zijn erg gevoelig voor overschrijding van de kritische depositiewaarde.
Beleidsmatig heeft de overheid zich verplicht om te zorgen dat het percentage van het areaal waar geen sprake is van een overschrijding van de kritische depositiewaarden moet toenemen.
met substantief ervoor
- het begrip kritsische depositiewaarde
- de term kritische depositiewaarde
In het stikstofbeleid speelt het begrip 'kritische depositiewaarde' een belangrijke rol.
Sinds de Raad van State een streep zette door het Programma Aanpak Stikstof is Nederland op zoek naar een oplossing voor de stikstofproblematiek. Naar aanleiding van een technische briefing van het Planbureau voor de van Leefomgeving aan de Tweede Kamer over haar rapport 'Naar een uitweg uit de stikstofcrisis' richtte de discussie zich op het begrip kritische depositiewaarde.
Met de term 'kritische depositiewaarde voor stikstof' (voortaan: KDW) wordt in dit rapport bedoeld: de grens waarboven het risico bestaat dat de kwaliteit van het habitat significant wordt aangetast als gevolg van de verzurende en/of vermestende invloed van atmosferische stikstofdepositie. Dit komt inhoudelijk overeen met de internationaal gangbare definitie: de kritische depositie is een kwantitatieve schatting van de blootstelling aan één of meer verontreinigende stoffen, waar beneden geen significante schadelijke effecten optreden aan gespecificeerde gevoelige elementen in het milieu, volgens de huidige stand van kennis (Nilsson en Grenfeldt, 1988).